Maandag 22 Mei 2017 - Aangifte indienen

Laattijdige aangifte: omkering bewijslast en mogelijke belastingverhoging

 

Recente rechtspraak bevestigt dat de niet-tijdige indiening van een fiscale aangifte streng beoordeeld wordt en, naast een boete, ook aanleiding kan geven tot een belastingverhoging.

Waarover gaat het?
Indien een belastingplichtige zijn aangifte te laat indient (of ook wanneer hij bijvoorbeeld niet of niet tijdig antwoordt op een vraag om inlichtingen of een bericht van wijziging), kan de fiscus een ambtshalve aanslag vestigen, waarbij in principe de bewijslast omgekeerd wordt: de belastingplichtige moet dan onder andere het bewijs leveren van zijn juiste inkomsten.

Op deze omkering van de bewijslast bestaan enkele uitzonderingen, bv. bij het laattijdig antwoorden op een vraag om inlichtingen of een bericht van wijziging waarbij de laattijdigheid te wijten is aan wettige redenen.

Cassatie 17 november 2016
Deze uitzondering (te laat wegens wettige redenen) is in de wet niet voorzien voor een laattijdige aangifte en kan daarvoor dan ook niet ingeroepen worden.

Opmerking: ook belastingverhoging mogelijk
Het hof van beroep te Brussel oordeelde in een arrest van 19 oktober 2016 dat bij een laattijdige aangifte ook een belastingverhoging mogelijk is. Dit zou binnenkort ook uitdrukkelijk in de wet ingeschreven worden.

Besluit voor de praktijk
Het tijdig indienen van een aangifte is een absolute prioriteit waar altijd moet aan voldaan worden, zo niet riskeert het betreffende dossier ernstige procedurele problemen.

Iedereen die verantwoordelijk is voor de indiening van aangiftes (niet in het minst de betrokken beroepsbeoefenaars), moet zich dan ook passend (en streng) organiseren.